James Ensor als Schilder

Van James Ensor zijn ongeveer 850 schilderijen bekend. Van 1876 tot 1883 en van 1889 tot 1892 is hij bijzonder productief. Na 1920 werkt hij gedurende 20 jaar met een nieuw enthousiasme werken. Tussen 1873 en 1941 gaat er geen jaar voorbij zonder dat hij tenminste één schilderij maakt.

Vanaf 1881 tot aan zijn dood neemt Ensor ieder jaar deel aan tentoonstellingen waarin hij zijn werk voorlegt aan de appreciatie van collega‟s, critici en kieskeurige liefhebbers. Ensor verkoopt gedurende 20 jaar weinig of niets. Na 1900 verkoopt hij het grootste deel van zijn oeuvre aan verzamelaars die tot het publiek van de Antwerpse tentoonstellingsvereniging Kunst van Heden (L‟Art contemporain) en de Brusselse Galerie Giroux behoren.

In technisch, iconografisch en stilistisch opzicht is Ensors geschilderd oeuvre uitzonderlijk divers. Hij hecht, in tegenstelling tot wat wel eens wordt beweerd, veel belang aan de kwaliteit van de gebruikte materialen en probeert graag verschillende soorten dragers en technieken uit.

Voor 1887 schildert Ensor vaak zeer informele, geraffineerde realistische studies, zeegezichten, landschappen, stillevens en moderne genretaferelen. Daar Hieronder bevinden zich enkele onbetwistbare meesterwerken zoals Russische muziek (1881), De oestereetster (1882) of het Portret van Willy Finch (1882). In 1887 kiest Ensor voor een groteske of satirische uitbeelding van motieven waarvoor hij inspiratie zoekt in de bijbel, de literatuur, de geschiedenis, het eigentijdse maatschappelijke en artistieke leven, zijn persoonlijk leven, de wereld van het carnaval, de commedia dell‟arte en het ballet. Hij doet dit in een contrastrijk en fel coloriet, nu eens in een expressieve, dan weer dan weer in een naïeve vormgeving. Hij schildert nog maar een handvol belangrijke landschappen. Maar zijn hele leven lang schildert Ensor een groot aantal stillevens. Door de introductie van maskers, maar ook door een suggestieve combinatie van triviale objecten, krijgen deze stillevens een dubbelzinnig karakter.

Herwig Todts